Wat is lactose-intoleratie?

Om goed uit te leggen wat lactose-intolerantie betekent, is het belangrijk om eerst de stoffen lactose en lactase onder de loep te nemen.

Wat is lactose?
Lactose is een natuurlijk melksuiker en komt voor in melk en in vele (melk)producten. In zure melkproducten komt minder lactose voor omdat bacteriën de lactose al deels hebben afgebroken. Voorbeelden van lactose-bevattende middelen zijn:

  • volle, halfvolle, magere melk en karnemelk
  • vla, pap, pudding, yoghurt, kwark, kefir, mousse, bavarois
  • chocolademelk, yoghurtdranken, fruitzuiveldranken
  • milkshake, ijs bereid met melk, (slag)room, zure room en crème fraiche
  • geiten- en schapenkaas, smeltkaas, cottage cheese, hüttenkäse
  • gebonden sauzen en soepen
  • chocolade, koekjes, taart en gebak
  • en zelfs medicijnen!

Wat is lactase?
Lactose moet na consumptie in de dunne darm gesplitst worden door het enzym lactase in kleinere suikers, glucose en galactose. Het lichaam kan alleen deze kleinere suikers opnemen en als energiebron gebruiken.

Wat is lactose-intolerantie?
Op het moment dat het enzym lactase niet of onvoldoende aanwezig is, kan de lactose niet worden gesplitst en daardoor niet worden opgenomen in het lichaam. De lactose komt terecht in de dikke darm waar het gaat gisten en kan leiden tot verschijnselen als overmatige gas- en zuurproductie, opgeblazen gevoel, winderigheid en diarree. Is dit het geval, dan spreken we van lactose-intolerantie. Het optreden van klachten hangt ondermeer af van de hoeveelheid lactase die nog door de darm wordt aangemaakt en de samenstelling van het voedsel dat wordt genuttigd.

Bij wie komt lactose-intolerantie voor?
Baby’s nuttigen (vrijwel) uitsluitend melk als voeding en hebben voldoende lactase bij de geboorte om lactose te splitsen. Wanneer ander voedsel dan melk in het menu wordt opgenomen neemt de lactase productie bij het grootste deel van de wereldbevolding langzaam af. Dit is dus een normaal en natuurlijk verschijnsel. Bij uitzondering blijven blanke Europeanen wel goed in staat om lactose in de darm te splitsen. In Noordwest Europa komt lactose-intolerantie dan ook bij slechts 2% van de blanke bevolking en dit is meestal erfelijk bepaald. In Zuid Europa, Azië en Afrika ligt het percentage lactose-intolerantie hoger.

Bij mensen met een beschadiging van de darmwand, bijvoorbeeld ontstaan door ziekte of een operatie, kan de productie van lactase (tijdelijk) sterk zijn verminderd. Ook dan kunnen klachten van lactose-intolerantie onstaan. Bij oudere mensen lijkt de productie van lactase met het toenemen van de leeftijd geleidelijk af te nemen. Hierdoor kan op latere leeftijd lactose-intolerantie ontstaan.

Oorzaak
Meestal speelt erfelijke aanleg een rol. De intolerantie kan ook het gevolg zijn van een andere darmaandoening, zoals een virusinfectie (bijvoorbeeld gastro-enteritis) of coeliakie (gluten intolerantie). Meer dan de helft van de mensen met een Afrikaanse of Aziatische achtergrond kan geen lactose verdragen.

Verschijnselen
Meestal ontwikkelt de intolerantie zich in de loop van de tijd. Veel mensen merken pas op oudere leeftijd dat ze minder lactose kunnen verdragen. Andere mensen met een tekort aan lactase merken daar nooit iets van. Als er verschijnselen optreden, gaat het meestal om:

  • onrustige darmen
  • pijn in de buik
  • flatulentie (winderigheid)
  • misselijkheid

Deze verschijnselen nemen toe na het consumeren van melk of melkproducten.

Hoe wordt lactose-intolerantie vastgesteld?
Als iemand na het nuttigen van melk en/of melkproducten last krijgt van misselijkheid, opgeblazen gevoel, winderigheid en/of diarree dan is deze persoon wellicht lactose-intolerant. Om na te gaan of het inderdaad lactose-intolerantie is, kan een waterstofademtest worden gedaan. Dit kan aangevraagd worden bij de huisarts die mogelijk doorverwijst naar een internist of gastro-enteroloog (maag-darm-lever arts).

Bij de waterstofademtest wordt de hoeveelheid waterstof in de uitademingslucht bepaald op verschillende tijdstippen voor en na het nuttigen van een bepaalde hoeveelheid lactose. Stijgt de hoeveelheid waterstof in de uitademingslucht dan wordt de lactose niet goed verteerd.

Bij zuigelingen is de waterstofademtest onbetrouwbaar. Door de zuurgraad van de ontlasting te meten kan een arts toch vaststellen of een zuigeling lactose-intolerant is.

Welke vormen van lactose-intolerantie zijn er?

Er worden drie vormen van lactose-intolerantie onderscheiden:

Primaire lactose-intolerantie
Elke baby heeft bij de geboorte voldoende lactase om de lactose uit de moedermelk of uit de voeding te kunnen verteren. Bij ongeveer 70- 80% van de wereldbevolking neemt de productie van lactase na het derde levensjaar geleidelijk af. Eigenlijk is lactose malabsorptie dus een normaal verschijnsel.

Secundaire lactose-intolerantie
Een secundaire lactose-intolerantie kan ook ontstaan bij ziekte aan het maagdarmkanaal. Zo is bij een ontstoken darm of een darminfectie de darmwand beschadigd en niet meer in staat voldoende lactase te produceren. Deze vorm van lactose-intolerantie is over het algemeen van tijdelijke aard. Wanneer de darmwand hersteld is zal er weer voldoende lactase geproduceerd kunnen worden.

Congenitale (aangeboren) lactose-intolerantie
Dit is een zeer zeldzame erfelijke vorm van lactose-intolerantie. Hierbij is vanaf de geboorte lactase afwezig of in  abnormaal lage hoeveelheden. Deze situatie blijft levenslang bestaan.

Advies
Mocht je het vermoeden hebben dat je lactose-intolerant bent, neem dan contact met je huisarts om je te laten testen. Ga nooit zelf thuis experimenteren met medicijnen en supplementen.